SAMENVATTING VAN VEILIGHEID EN KLINISCHE PRESTATIES

Vascu-Line® centraal-veneuze kathetersets

Documentnummer SSCP:SSCP-018
Revisie document:5
Revisie Datum: 28-Mar-24

BELANGRIJKE INFORMATIE

Deze samenvatting van veiligheid en klinische prestaties (SSCP) is bedoeld om het publiek toegang te geven tot een bijgewerkte samenvatting van de belangrijkste aspecten van de veiligheid en klinische prestaties van het hulpmiddel. Deze SSCP is niet bedoeld om de Gebruiksaanwijzing te vervangen als belangrijkste document om een veilig gebruik van het hulpmiddel te garanderen, noch om diagnostische of therapeutische suggesties te doen aan beoogde gebruikers of patiënten.

Toepasselijke documenten

Documenttype Titel/nummer van het document
Ontwerpgeschiedenisbestand (DHF) 11007-A1, 11007, 11008-A1, 11008
‘MDR-documentatie' bestandsnummer MDR-018

1. Identificatie van het hulpmiddel en algemene informatie

Handelsnaam van het hulpmiddel Vascu-Line® centraal-veneuze kathetersets

Naam en adres van de fabrikant Medical Components, Inc. 1499 Delp Drive Harleysville, PA 19438 VS

Enkelvoudig registratienummer van de fabrikant (SRN) US-MF-000008230

Basis UDI-DI 00884908291NG

Beschrijving/tekst van de nomenclatuur voor medische hulpmiddelen C010203 - Centraal-veneuze katheters, gedeeltelijk getunneld

Klasse hulpmiddel III

Datum afgifte eerste CE-certificaat voor dit hulpmidde Vascu-Line® - augustus 2012

Naam gemachtigde en SRN Gerhard Frömel Europese regelgevingsdeskundige Medical Product Service GmbH (MPS) Borngasse 20 35619 Braunfels, Duitsland SRN: DE-AR-000005009

Naam van de aangemelde instantie en uniek identificatienummer BSI Groep Nederland B.V. NB2797

Apparaatgroepering en varianten

De hulpmiddelen die onder dit document vallen, zijn allemaal sets van centraal-veneuze katheters (CVC). De onderdeelnummers van de katheters zijn ingedeeld in verschillende categorieën. Deze hulpmiddelen worden gedistribueerd als proceduretrays, in verschillende configuraties inclusief accessoires en hulpmiddelen (zie paragraaf 'Accessoires bedoeld voor gebruik in combinatie met het hulpmiddel').

Hulpmiddelvarianten:

Hulpmiddelvarianten:
Beschrijving varianten Onderdeelnummer(s) Uitleg van meerdere onderdeelnummers
3F x 60 cm Vascu-Line® met enkel lumen 10550-960-001 10604-960-001 Geen significant klinisch, biologisch of technisch verschil (het enige verschil is de relatieve positie van het manchet)
4F x 60 cm Vascu-Line® met dubbel lumen 10553-960-001 10601-960-001 Geen significant klinisch, biologisch of technisch verschil (het enige verschil is de relatieve positie van het manchet)
4F x 60 cm Vascu-Line® met enkel lumen 10551-960-001 N.V.T.
5F x 60 cm Vascu-Line® met dubbel lumen 10554-960-001 N.V.T.
Hulpmiddelvarianten:
Beschrijving varianten Onderdeelnummer(s) Uitleg van meerdere onderdeelnummers

Proceduretrays:

Proceduretrays:
Cataloguscode Onderdeelnummer Omschrijving
MR28014221 10601-960-001 4F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET DUBBEL LUMEN
MR28014251 10553-960-001 4F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET DUBBEL LUMEN
MR28015251 10554-960-001 5F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET DUBBEL LUMEN
MR28013121 10550-960-001 3F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET ENKEL LUMEN
MR28013151 10604-960-001 3F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET ENKEL LUMEN
MR28014151 10551-960-001 4F X 60 CM VASCU-LINE® BASISSET CENTRAAL-VENEUZE KATHETER MET ENKEL LUMEN
Proceduretrays:
Cataloguscode Onderdeelnummer Omschrijving

Configuraties van proceduretrays:

Configuratietype Kitonderdelen
Basisset De basisset bevat

2. Beoogd gebruik van het hulpmiddel

Beoogd doel De Vascu-Line® centraal-veneuze katheters zijn bedoeld voor gebruik bij volwassen patiënten die regelmatig naaldprikken nodig hebben en voor wie kortstondige of langdurige toegang tot het centraal-veneuze systeem zonder dat regelmatige naaldprikken nodig zijn, noodzakelijk wordt geacht op basis van de aanwijzingen van een gekwalificeerde, bevoegde arts. Het hulpmiddel is bedoeld voor gebruik onder regelmatig toezicht en beoordeling van gekwalificeerde professionals in de gezondheidszorg.

Indicatie(s) De Vascu-Line® centraal-veneuze katheter is geïndiceerd voor kortstondige of langdurige toegang tot het centraal-veneuze systeem voor intraveneuze toediening van vloeistoffen of medicijnen.

Doelgroep(en) Vascu-Line® centraal-veneuze katheters zijn bedoeld voor gebruik bij volwassen patiënten die regelmatig naaldprikken nodig hebben en voor wie kortstondige of langdurige toegang tot het centraal-veneuze systeem zonder dat regelmatige naaldprikken nodig zijn, noodzakelijk wordt geacht op basis van de aanwijzingen van een gekwalificeerde, bevoegde arts. Het hulpmiddel is niet bedoeld voor gebruik bij pediatrische patiënten.

Contra-indicaties en/of beperkingen

  • De aanwezigheid van een aan het hulpmiddel gerelateerde infectie, bacteriëmie of septikemie is bekend of wordt vermoed.
  • Deze katheter is bedoeld voor vasculaire toegang op korte of lange termijn en mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden dan aangegeven in deze instructies.
  • Van de patiënt is bekend of wordt vermoed dat hij/zij allergisch is voor materiaal dat zich in het hulpmiddel bevindt.

3. Beschrijving van het hulpmiddel

Device Image

Apparaatnaam: Vascu-Line® centraal-veneuze kathetersets

Beschrijving van het hulpmidde Vascu-Line® centraal-veneuze katheters zijn gemaakt van speciaal samengestelde biocompatibele materialen van medische kwaliteit en zijn verkrijgbaar in verschillende lumenconfiguraties en -grootten om aan klinische behoeften te voldoen. Ze zijn verpakt in een bakje met accessoires die nodig zijn voor percutaan inbrengen met behulp van een micro-inbrenger (Modified Seldinger- of Seldinger-techniek).

Device Image

Apparaatnaam: Vascu-Line® centraal-veneuze kathetersets

Beschrijving van het hulpmidde

Materialen/stoffen die in contact komen met weefsel van de patiënt

De procentuele bereiken in onderstaande tabel zijn gebaseerd op het gewicht van de Vascu-Line®-katheters 3F met enkel lumen (2,75 g) en 5F met dubbel lumen (5,85 g).

Materiaal % gewicht (w/w)
Polyurethaan 60,70-62,52
Acetaal co-polymeer 19,80-22,08
Acrylonitril-butadieen-styreen 8,57-9,56
Bariumsulfaat 5,46-8,15
Polyethyleentereftalaat 0,97-2,49

Materiaal % gewicht (w/w)

Opmerking:hulpstukken die roestvrij staal bevatten, kunnen tot 0,4% gewicht van de CMR-stof kobalt bevatten.

Opmerking:volgens de gebruiksaanwijzing is het hulpmiddel gecontra- indiceerd voor patiënten met bekende of vermoede allergieën voor bovengenoemde materialen.

Informatie over geneeskrachtige stoffen in het hulpmiddel N.V.T.

Hoe het hulpmiddel zijn beoogde werkingswijze bereikt Het onderzochte hulpmiddel kan worden geplaatst met behulp van een standaard of aangepaste percutane chirurgische techniek van Seldinger. Het is de bedoeling dat het plaatsen van de katheter gebeurt met aseptische technieken in een steriele omgeving, bij voorkeur in een operatiekamer. Eenmaal op zijn plaats kan de CVC worden aangesloten op een intraveneuze (IV) zak met zwaartekrachtvoeding, of worden aangesloten op een pomp voor toediening van vloeistoffen en medicijnen. Het onderhoud van de katheter omvat het gebruik van een vergrendelingsoplossing om de katheter open te houden. Verwijdering van de katheter is een chirurgische ingreep die moet worden uitgevoerd door een arts die bekend is met de juiste technieken.

Informatie over sterilisatie Inhoud steriel en niet pyrogeen in ongeopende, onbeschadigde verpakking. Gesteriliseerd met ethyleenoxide.

Vorige generaties/varianten

Naam van vorige generatie Verschillen met huidig hulpmiddel
N.V.T. N.V.T.

Accessoires bedoeld voor gebruik in combinatie met het hulpmiddel

Naam van accessoire Beschrijving van accessoire
30415-018-070 0,47 mm x 70 cm (0,018) gecoate floppy voerdraad met rechte punt
10129 0,76 mm (0,030") I.D. Adapter met zijpoort
30205-210 0,9 mm buitendiameter x 0,5 mm binnendiameter x 70 mm (21GA) naald met echotip
30824 Bevestigingshulpmiddel
30479 Scalpel
5697 Tunnelinstrument
5663 Tunnelinstrument
30701-1 Tunnelinstrument
30198-075 Stilet
10700-10-035 1,1 mm binnendiameter x 10 cm (3,5F) apart verwijderbare inbrenger
10700-10-045 1,5 mm binnendiameter x 10 cm (4,5F) apart verwijderbare inbrenger
10700-10-055 1,8 mm binnendiameter x 10 cm (5,5F) apart verwijderbare inbrenger
3035 Spuit
3418 Meetlint
30823 Naaldloze connector

Andere apparaten of producten die bedoeld zijn voor gebruik in combinatie met het apparaat:

Naam van apparaat of product Beschrijving van het apparaat of product

4. Risico's en waarschuwingen

Restrisico's en ongewenste effecten: Volgens de IFU van het product houden alle chirurgische procedures risico's in. Medcomp heeft risicobeheerprocessen geïmplementeerd om deze risico's proactief op te sporen en zoveel mogelijk te beperken zonder het voordeel/risicoprofiel van het hulpmiddel negatief te beïnvloeden. Na beperking blijven er restrisico's en de mogelijkheid van ongewenste voorvallen bij het gebruik van dit product bestaan. Medcomp heeft vastgesteld dat alle restrisico's aanvaardbaar zijn.

Type residuele schade Mogelijke bijwerkingen in verband met schade
Allergische reactie Allergische reactie
Bloeding Bloeding
Hartprobleem Hartritmestoornis
Embolie Luchtembolie
Infectie Sepsis gerelateerd aan katheter
Perforatie Perforatie van bloedvaten of ingewanden
Stenose Veneuze stenose
Weefselbeschadiging Letsel aan brachiale plexus
Trombose Veneuze trombose
Diverse complicaties Erosie van de katheter door de huid
Kwantificatie van restrisico's
PMS-klachten (1 januari 2019 - 31 december 2023) PMCF-voorvallen
Verkochte eenheden: 9 335 Onderzochte eenheden: 95
Categorie restschade voor patiënten % van de hulpmiddelen % van de hulpmiddelen
Allergische reactie Niet gemeld Niet gemeld
Bloeding 0,06% Niet gemeld
Hartprobleem Niet gemeld Niet gemeld
Embolie Niet gemeld Niet gemeld
Infectie Niet gemeld Niet gemeld
Perforatie Niet gemeld Niet gemeld
Stenose Niet gemeld Niet gemeld
Weefselbes-schadiging Niet gemeld Niet gemeld
Trombose Niet gemeld Niet gemeld

Waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen

Alle waarschuwingen zijn getoetst aan de risicoanalyse, PMS en bruikbaarheidstests om de consistentie tussen de informatiebronnen te valideren. De hulpmiddelen in het kader van deze klinische evaluatie zijn voorzien van volgende waarschuwingen op de IFU's:

  • Geen katheter inbrengen in door trombose aangetaste bloedvaten.
  • Voer de voerdraad of katheter niet in als er ongewone weerstand wordt ondervonden.
  • De voerdraad niet met geweld inbrengen of terugtrekken uit een onderdeel. Als de voerdraad beschadigd raakt, moeten voerdraad en bijbehorende onderdelen samen worden verwijderd.
  • Trek het tunnelinstrument niet van de katheter af. Gebruik een scalpel om de katheter van het tunnelinstrument te scheiden.
  • De katheter of toebehoren op geen enkele wijze opnieuw steriliseren.
  • Inhoud steriel en niet pyrogeen in ongeopende, onbeschadigde verpakking. GESTERILISEERD MET ETHYLEENOXIDE
  • Gebruik de katheter of toebehoren niet opnieuw omdat het hulpmiddel mogelijk niet goed gereinigd en ontsmet werd, wat kan leiden tot besmetting, katheterdegradatie, hulpmiddelmoeheid of een endotoxinereactie.
  • Gebruik de katheter of toebehoren niet als de verpakking geopend of beschadigd is.
  • Gebruik de katheter of toebehoren niet als er tekenen van productschade zichtbaar zijn of als de uiterste gebruiksdatum is verstreken.
  • Gebruik geen scherpe instrumenten in de buurt van de verlenglijnen of het katheterlumen.
  • Gebruik geen schaar om het verband te verwijderen. De voorzorgsmaatregelen die op de IFU's worden vermeld, zijn als volgt:
  • Spuiten kleiner dan tien (10) ml veroorzaken overmatige druk en kunnen de katheter beschadigen. Tien (10) ml of grotere spuiten worden aanbevolen.
  • Hydrateer de voerdraad voor gebruik.
  • Spoel de katheter altijd door voordat u het stilet verwijdert.
  • De katheter zal beschadigd raken als er andere klemmen worden gebruikt dan degene die bij deze set zijn geleverd.
  • Het herhaaldelijk vastklemmen van de slang op dezelfde plaats kan de slang verzwakken. Vermijd klemmen in de buurt van de Luer(s) en de naaf van de katheter.
  • Onderzoek het lumen en verlengstuk(ken) van de katheter voor en na elke infusie op beschadigingen.
  • Om ongelukken te voorkomen, moet u vóór en tussen behandelingen de veiligheid van alle doppen en verbindingen verzekeren.
  • Gebruik alleen Luer-lock (schroefdraad) connectoren met deze katheter.
  • In het zeldzame geval dat een naaf of connector tijdens het inbrengen of gebruik losraakt van een onderdeel, neemt u alle noodzakelijke stappen en voorzorgsmaatregelen om bloedverlies of luchtembolie te voorkomen en verwijdert u de katheter.
  • Het herhaaldelijk te strak aandraaien van bloedlijnen, spuiten en doppen vermindert de levensduur van de connector en kan leiden tot mogelijk falen van de connector.
  • Controleer de positie van de kathetertip vóór gebruik door middel van een röntgenfoto. Controleer routinematig de plaatsing van tips volgens het beleid van de instelling.
  • Gooi het biorisico weg volgens het protocol van de faciliteit.
  • Raadpleeg de praktijknormen en het institutionele beleid inzake compatibele infusiemiddelen voor centraal-veneuze toegang.
  • Volg alle contra-indicaties, waarschuwingen, voorzorgsmaatregelen en instructies voor alle infusaten zoals gespecificeerd door hun fabrikant.

Andere relevante veiligheidsaspecten(bv. corrigerende maatregelen op het gebied van veiligheid in het veld enz.) De hulpmiddelen uit de Vascu-Line®-productfamilie zijn producten voor eenmalig gebruik; daarom wordt ervan uitgegaan dat elke verkochte eenheid een enkele klinische gebruiksfeit vertegenwoordigt. 11.811 Vascu-Line® CVC's werden verkocht van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2023. Tijdens deze periode werden er ook acht klachten ontvangen, wat resulteerde in een klachtenfrequentie van 0,06% voor de Vascu-Line®-productfamilie. Tijdens de huidige evaluatieperiode werden geen CAPA's of SCAR's geopend voor de Vascu-Line® -productfamilie. Binnen het CAPA-systeem zijn geen nieuwe risico's geïdentificeerd. Het CAPA-systeem ondersteunt het voortdurende gebruik van de Vascu-Line®-productfamilie en zorgt ervoor dat de hulpmiddelen veilig kunnen worden gebruikt zoals aangegeven. Voor hulpmiddelen uit de Vascu-Line®-productfamilie hebben er geen gevallen geleid tot terugroepacties.

5. Samenvatting van klinische evaluatie en klinisch vervolgonderzoek na marktintroductie (PMCF)

Samenvatting van klinische gegevens met betrekking tot het onderzochte hulpmiddel

Specifieke casusnummers (gemengde cohortcasusnummers) geïdentificeerd en gebruikt voor klinische prestatie-evaluatie
Productfamilie Klinische literatuur PMCFgegevens Totaal Antwoorden gebruikersenquête
0 95 95 6

De klinische prestaties werden gemeten aan de hand van parameters zoals, maar niet beperkt tot, verblijftijd, resultaten van katheterplaatsing en percentages ongewenste voorvallen. De kritische klinische parameters uit deze onderzoeken voldeden aan de normen die zijn vastgesteld in de richtlijnen voor de state-of-the-art. Bij geen van de klinische activiteiten werden onvoorziene bijwerkingen of andere hoge incidenten vastgesteld. De overlevingskans van een bepaald implantaat is een multifactoriële gebeurtenis die afhankelijk is van verschillende factoren, waaronder: de grenzen van het implantaat, de chirurgische techniek, de moeilijkheidsgraad van de chirurgische procedure, de gezondheid van de patiënt, het activiteitsniveau van de patiënt, de medische geschiedenis van de patiënt en andere factoren. In het geval van de centraal-veneuze katheter van Vascu-Line® wees een enquête onder 6 instellingen op een gemiddelde periode van 125 dagen [Bereik: 25-180 dagen] gebruiksduur aangetroffen bij tot nu toe gemeld klinisch gebruik. Op basis van deze informatie heeft de Vascu-Line® centraal-veneuze katheter een levensduur van 12 maanden; de beslissing om de katheter te verwijderen en/of te vervangen moet echter gebaseerd zijn op klinische prestaties en behoefte, en niet op een vooraf bepaald tijdstip

Samenvatting van klinische gegevens met betrekking tot het gelijkwaardige hulpmiddel (indien van toepassing)

In het bijgewerkte klinisch evaluatierapport worden geen klinische gegevens met betrekking tot gelijkwaardige hulpmiddelen in aanmerking genomen.

Samenvatting van klinische gegevens van onderzoeken voorafgaand aan marktintroductie (indien van toepassing)

Voor de klinische evaluatie van het hulpmiddel werd geen gebruik gemaakt van klinische hulpmiddelen voorafgaand aan marktintroductie.

Samenvatting van klinische gegevens uit andere bronnen:

• Bron:PMCF_Infusion_211

Het onderzoek naar de gegevensverzameling van infuusproductlijnen was bedoeld om informatie over de veiligheid en de resultaten van alle varianten van Medcomp-infuuspoorten, PICC's, Midlines en CVC's te beoordelen. Er werden 70 antwoorden verzameld uit 17 landen die samen 471 gevallen van hulpmiddelen vertegenwoordigen. 3 Vascu-Line® gevallen, waaronder verschillende hulpmiddelvarianten met Franse maten (3F, 4F en 5F) en lumenconfiguraties (enkel en dubbel), werden verzameld. Volgende resultaatmetingen bleken te voldoen aan de state-of-the-art resultaatmetingen voor veiligheid en prestaties uit de gepubliceerde literatuur voor Medcomp Vascu-Line®-hulpmiddelen:

  • Verblijftijd - 84,33 dagen (95%CI: 0-198,07)
  • Procedurele resultaten - 100%
  • Met katheter geassocieerde veneuze trombus - geen voorvallen gemeld
  • Aan katheter gerelateerde bloedstroominfectie - geen voorvallen gemeld De varianten die in de dataset werden opgenomen, worden hieronder weergegeven: Variant n Franse maten Lengte(s) Vascu-Line met enkel lumen 1 3F 60 cm Vascu-Line met dubbel lumen 2 4F, 5F 60 cm
  • Bron:Klantenonderzoek naar gebruiksduur

    Van 10 oktober 2019 tot en met 16 oktober 2019 werd wereldwijd een e-mailvragenlijst verspreid onder gebruikers van PICC's en CVC's van Medcomp. De vragenlijst vroeg de respondenten om, op basis van hun eigen ervaring, het aantal producten dat jaarlijks wordt gebruikt, de gemiddelde normale verblijftijd en de langste verblijftijd voor elke toepasselijke hulpmiddelenfamilie vast te stellen. In de vijf hulpmiddelenfamilies werden in totaal 69 reacties verzameld uit 14 landen. De gemiddelden en reeksen van antwoorden voor elke hulpmiddelenfamilie zijn op 16 oktober 2019 samengesteld. Er zijn 6 reacties verkregen met betrekking tot de Vascu-Line®-hulpmiddelenfamilie. Voor naar schatting 835 producten die jaarlijks werden gebruikt, bedroeg de gemiddelde normale verblijftijd 125 dagen (bereik: 25-180 dagen), en de gemiddelde langste verblijftijd was 367 dagen (bereik: 34-1.021 dagen).

    • Bron:PMCF_Medcomp_211

    De Medcomp gebruikersenquête heeft reacties opgeleverd van personeelsleden in de gezondheidszorg die bekend zijn met een aantal Medcomp-producten. 11 respondenten antwoordden dat zij of hun instelling CVC's van Medcomp hebben gebruikt, waarbij 0 van die respondenten het Vascu-Line®-hulpmiddel hebben gebruikt. Er waren geen verschillen in het gemiddelde gebruikersoordeel met betrekking tot CVC's ten aanzien van de state-of-the-art resultaatmetingen voor veiligheid en prestaties of tussen de verschillende typen hulpmiddelen met betrekking tot veiligheid of prestaties. Volgende gegevens werden verzameld van gebruikers van Medcomp CVC's (n=11):

  • (Gemiddelde Likert-schaal respons) Katheters functioneren zoals bedoeld - 4,6 / 5
  • (Gemiddelde Likert-schaal respons) Verpakking maakt aseptische presentatie mogelijk - 4,6 / 5
  • (Gemiddelde Likert-schaal respons) Het voordeel weegt op tegen het risico - 4,7 / 5 (n=10)
  • Verblijftijd (n=6) - 20,33 dagen (95%CI: 4,27-36,4)
  • • Bron:PMCF_Infusion_231

    De dataset van het King Faisal Specialist Hospital & Research Center werd afgerond op 22 maart 2023. De volledige dataset van het King Faisal Specialist Hospital & Research Center is verkregen van Dr. Shaqran Al-Shaqran op 23 februari 2023. Het land van herkomst van de dataset is Saoedi-Arabië. De volledige dataset omvatte informatie over 92 gevallen van Vascu-Line®, 2 van Pro-Line® en 1 van Vascu-Line® SL met data van inbrenging variërend van 22 december 2021 tot en met 11 januari 2023 en data van verwijdering (of laatst bekende follow-up) variërend van 9 mei 2022 tot 23 februari 2023. 92 Vascu-Line® gevallen, waaronder verschillende hulpmiddelvarianten met Franse maten (3F, 4F, 5F) en lumenconfiguratie (enkel, dubbel), werden verzameld. Volgende resultaatmetingen bleken te voldoen aan de state-of-the-art resultaatmetingen voor veiligheid en prestaties uit de gepubliceerde literatuur voor Medcomp Vascu-Line®-hulpmiddelen:

  • Gecensureerde verblijftijd (103,62 dagen 95%CI: 87,25-120 dagen)*
  • Ongecensureerde verblijftijd (94,71 dagen 95%CI: 78,86-110,57 dagen)*
  • Procedurele resultaten (100% 95%CI: 100-100%)
  • Percentage aan katheter gerelateerde bloedstroominfecties (CRBSI) (0 per 1.000 katheterdagen 95%CI: 0-0,4)
  • Percentage met katheter geassocieerde veneuze trombus (CAVT) (0 per 1.000 katheterdagen 95%CI: 0-0,4) * Gecensureerde (n=53) gegevens omvatten geen gegevens van hulpmiddelen uit het ongecensureerde (n=91) cohort die zich bij de laatste follow-up in situ bevonden
  • Algemene samenvatting van klinische veiligheid en prestaties

    Resultaten
    Resultaten Voordelen/risico aanvaardbaarheidscriteria Gewenste trend Klinische literatuur(Onderzocht hulpmiddel) PMCF-gegevens(Onderzocht hulpmiddel)
    Prestaties
    Verblijftijd Langer dan 53,11 dagen + ND*
    84,33 dagen (PMCF_Infusion_211) 125 dagen (Klantenonderzoek naar gebruiksduur) 95,27 dagen (PMCF_Infusion_231)
    Procedurele resultaten Hoger dan 92,0% + ND*
    100% (PMCF_Infusion_211) 100% (PMCF_Infusion_231)
    Veiligheid
    Met katheter geassocieerde veneuze trombus (CAVT) Minder dan 0,3 incidenten van CAVT per 1.000 katheterdagen - ND*
    Geen meldingen (PMCF_Infusion_211) 0 per 1.000 katheterdagen (PMCF_Infusion_231)
    Bloedstroom- infectie die verband houdt met de centrale lijn (CLABSI) / aan katheter gerelateerde bloedstroom- infectie (CRBSI) Minder dan 5,0 incidenten van CRBSI per 1.000 katheterdagen - ND*
    Geen meldingen (PMCF_Infusion_211) 0 per 1.000 katheterdagen (PMCF_Infusion_231)
    Resultaten Voordelen/risico aanvaardbaarheidscriteria Gewenste trend Klinische literatuur(Onderzocht hulpmiddel) PMCF-gegevens(Onderzocht hulpmiddel)
    Prestaties
    Veiligheid

    Lopend of gepland klinisch vervolgonderzoek na marktintroductie (PMCF)

    Activiteit Omschrijving Referentie Tijdlijn
    Casusserie op patiëntniveau in meerdere centra Verzamelen van aanvullende klinische gegevens over het hulpmiddel. PMCF_CVC_231 Q4 2025
    Zoeken in state-of- the-art literatuur Identificeer risico's en trends bij het gebruik van dialysekatheters SAP-infusie Q2 2024
    Literatuuronderzoek naar klinisch bewijsmateriaal Identificeren van risico's en trends bij gebruik van het hulpmiddel LRP-infusie Q2 2024
    Zoeken in wereldwijde databases van studies Identificeren van lopende klinische studies met betrokkenheid van Medcomp® Vascu-Line® N.V.T. Q1 2025
    Truveta-gegevens- onderzoeken en retrospectieve analyse Verzamelen van aanvullende klinische gegevens over het hulpmiddel en vergelijkende middelen Nog te bepalen Q4 2025

    Uit PMCF-activiteiten zijn geen nieuwe risico's, complicaties of onverwachte defecten van het hulpmiddel naar voren gekomen.

    6. Mogelijke therapeutische alternatieven

    De richtlijnen voor klinische praktijk van de Infusion Nurses Society (INS) Standards 2021 zijn gebruikt ter ondersteuning van onderstaande aanbevelingen voor behandelingen.

    Therapie Voordelen Nadelen Belangrijkste risico's
    • Centraal-veneuze katheters (CVC's)
    • Gemakkelijke toegang, eenmaal op hun plaats
    • Maakt herhaalde venapunctie gemakkelijker
    • Verhoogde mobiliteit van patiënten tijdens infusie
    • Gemakkelijker voor poliklinische patiënten
    • Vereist chirurgische ingreep voor plaatsing
    • Risico's verbonden aan een operatie
    • algemene anesthesie enz.
    • Vereist onderhoud
    • Hoog risico op infectie of trombose-voorval
    • Implanteerbare poorten
    • Vermindert prikwonden/ aderbeschadiging in vergelijking met traditionele injectie
    • Gemakkelijker te visualiseren, te palperen en daarom veiliger vorm van IV-toegang
    • Vermindert de kans dat bijtende medicijnen in contact komen met de huid
    • Slechts één venapunctie voor zowel behandeling als labopnames, in tegenstelling tot twee voor een traditioneel infuus
    • Langere verblijftijd in vergelijking met IV
    • Kan permanent zijn, indien nodig
    • Vereist chirurgische ingreep, maar IV niet
    • Risico's verbonden aan een operatie
    • algemene anesthesie enz.
    • Moet regelmatig doorgespoeld worden
    • Middellijn-katheters
    • Patiëntcomfort - minder herstarts dan IV's
    • Langere verblijftijd dan IV's
    • Lager risico op infectie in vergelijking met IV's
    • Voor gebruik is geen röntgenfoto nodig
    • Verminderde kans op extravasatie van infusaat
    • Gegevens over duidelijke nadelen in vergelijking met andere modaliteiten zijn niet beschikbaar
    • Niet geschikt voor continue injecties van de meeste blaartrekkende of irriterende stoffen
    • Flebitis gerelateerd aan inbrengen
    • Perifeer ingebrachte centrale katheters (PICC's)
    • Verlaagd risico op katheterafsluiting in vergelijking met CVC
    • Verhoogd risico op diepveneuze trombose in vergelijking met CVC
    • Pijn/ongemak na verloop van tijd
    • Diepveneuze trombose (DVT)
    • Longembolie
    • Veneuze trombo-embolie (VTE)
    • Perifere intraveneuze katheters (PIV's)
    • Minder veneuze puncties in vergelijking met traditionele PIV
    • Vereist geen chirurgische ingreep
    • Behoefte aan aanpassing in het dagelijks leven
    • Hogere hemolyse-percentages in vergelijking met venapunctie
    • Infectie
    • Hematoom/trombose
    • Kan niet worden gebruikt voor behandelingen met blaarvormende middelen
    • Vier dagen maximaal gebruik
    • Posttrombotisch syndroom
    • Infectie
    • Flebitis

    7. Aanbevolen profiel en training voor gebruikers

    De katheter moet worden ingebracht, gemanipuleerd en verwijderd door een gekwalificeerde, bevoegde arts of een andere gekwalificeerde professional in de gezondheidszorg onder leiding van een arts.

    8. Verwijzing naar eventueel toegepaste geharmoniseerde normen en gemeenschappelijke specificaties (CS)

    Geharmoniseerde norm of CS Revisie Titel of beschrijving Conformiteitsniveau
    EN 556-1 2001 Sterilisatie van medische hulpmiddelen. Vereisten voor medische hulpmiddelen die als "STERIEL" moeten worden aangeduid. Vereisten voor permanent gesteriliseerde medische hulpmiddelen Volledig
    EN ISO 10555-1 2013 + A1:2017 Intravasculaire katheters. Steriele katheters en katheters voor eenmalig gebruik. Algemene vereisten Volledig
    EN ISO 10555-3 2013 Intravasculaire katheters. Steriele katheters en katheters voor eenmalig gebruik. Centraal-veneuze katheters Volledig
    EN ISO 10993-1 2020 Biologische evaluatie van medische hulpmiddelen - Deel 1: Evaluatie en testen binnen een risicobeheerproces Volledig
    EN ISO 10993-7 2008 + A1:2022 Biologische evaluatie van medische hulpmiddelen - Deel 7: Residuen van sterilisatie met ethyleenoxide - Amendement 1: Toepasselijkheid van toelaatbare grenswaarden voor pasgeborenen en zuigelingen Volledig
    EN ISO 10993-18 2020 Biologische evaluatie van medische hulpmiddelen - Deel 18: Chemische karakterisering van materialen voor medische hulpmiddelen binnen een risicobeheerproces Volledig
    EN ISO 11070 2014 + A1:2018 Steriele intravasculaire inbrengers, dilatators en voerdraden voor eenmalig gebruik Volledig
    EN ISO 11135 2014 + A1:2019 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg. Ethyleenoxide. Vereisten voor de ontwikkeling, validatie en routinecontrole van een sterilisatieproces voor medische hulpmiddelen Volledig
    EN ISO 11138-1 2017 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg - biologische indicatoren Deel 1: Algemene vereisten Volledig
    EN ISO 11138-2 2017 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg - Biologische indicatoren - Deel 2: Biologische indicatoren voor sterilisatieprocessen met ethyleenoxide Volledig
    EN ISO 11138-7 2019 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg. Biologische indicatoren - Richtlijnen voor de selectie, het gebruik en de interpretatie van resultaten Volledig
    EN ISO 11140-1 2014 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg - Chemische indicatoren - Deel 1: Algemene vereisten Volledig
    EN ISO 11607-1 sluit sectie 7 uit 2020 Verpakking voor permanent gesteriliseerde medische hulpmiddelen. Vereisten voor materialen, steriele barrièresystemen en verpakkingssystemen Gedeeltelijk; (Overgang-splan)
    EN ISO 11607-2 2020 Verpakking voor permanent gesteriliseerde medische hulpmiddelen. Validatievereisten voor vorm-, sluit- en assemblageprocessen Volledig
    EN ISO 11737-1 2018 + A1:2021 Sterilisatie van producten voor de gezondheidszorg. Microbiologische methoden. Bepaling van een populatie micro-organismen op producten Volledig
    EN ISO 13485 2016 + A11:2021 Medische hulpmiddelen - Kwaliteitsmanagementsysteem - Vereisten voor regelgevingsdoeleinden Volledig
    EN ISO 14155 2020 Klinisch onderzoek van medische hulpmiddelen voor menselijke proefpersonen - Goede klinische praktijken Volledig
    EN ISO 14644-1 2015 Cleanrooms en aanverwante gecontroleerde omgevingen - Deel 1: Classificatie van luchtzuiverheid op basis van deeltjesconcentratie Volledig
    EN ISO 14644-2 2015 Cleanrooms en aanverwante gecontroleerde omgevingen - Deel 2: Monitoring om bewijs te leveren van cleanroomprestaties met betrekking tot luchtzuiverheid door deeltjesconcentratie Volledig
    EN ISO 14971 2019 + A11:2021 Medische hulpmiddelen. Toepassing van risicobeheer op medische hulpmiddelen Volledig
    EN ISO 15223-1 2021 Medische hulpmiddelen - Symbolen voor gebruik op etiketten, labels en informatie van medische hulpmiddelen - Deel 1: Algemene vereisten Volledig
    NEN-EN-ISO/ IEC 17025 2017 Algemene vereisten voor de competentie van test- en kalibratielaboratoria Volledig
    PD CEN ISO/ TR 20416 2020 Medische hulpmiddelen - toezicht op fabrikanten na marktintroductie Volledig
    EN ISO 20417 2021 Medische hulpmiddelen - Informatie die door de fabrikant moet worden verstrekt Volledig
    EN 62366-1 2015 + A1:2020 Medische hulpmiddelen - Deel 1: Toepassing van bruikbaarheidstechnieken op medische hulpmiddelen Volledig
    ISO 7000 2019 Grafische symbolen voor gebruik op apparatuur. Geregistreerde symbolen Gedeeltelijk
    ISO 594-1 1986 Conische fittingen met een 6% (Luer) conus voor spuiten, naalden en bepaalde andere medische apparatuur - Deel 1: Algemene vereisten Volledig
    ISO 594-2 1998 Conische fittingen met een 6% (Luer) conus voor spuiten, naalden en bepaalde andere medische apparatuur - Deel 2: Vergrendelingen Volledig
    MEDDEV 2.7.1 Rev. 4 Klinische evaluatie: Een gids voor fabrikanten en aangemelde instanties in het kader van de Richtlijnen 93/42/EEG en 90/385/EEG Volledig
    MEDDEV 2.12/2 Rev. 2 RICHTLIJNEN BETREFFENDE KLINISCH VERVOLGONDERZOEK NA MARKTINTRODUCTIE VAN MEDISCHE HULPMIDDELEN EEN LEIDRAAD VOOR FABRIKANTEN EN AANGEMELDE INSTANTIES Volledig
    MDCG 2020-6 2020 Klinisch bewijsmateriaal nodig voor medische hulpmiddelen die eerder van een CE-markering onder Richtlijn 93/42/EEG of 90/385/EEG zijn voorzien Volledig
    MDCG 2020-7 2020 Klinisch vervolgonderzoek na marktintroductie (PMCF) Plansjabloon Een gids voor fabrikanten en aangemelde instanties Volledig
    MDCG 2020-8 2020 Klinisch vervolgonderzoek na marktintroductie (PMCF) Sjabloon voor evaluatierapport Een gids voor fabrikanten en aangemelde instanties Volledig
    MDCG 2019-9 2022 Samenvatting van veiligheid en klinische prestaties Volledig
    MDCG 2018-1 Rev. 4 Richtsnoeren voor BASIS-UDI-DI en wijzigingen in UDI-DI Volledig
    ASTM D 4169-16 2022 Standaardpraktijk voor het testen van de prestaties van transportcontainers en -systemen Volledig
    ASTM F2096-11 2019 Standaard testmethode voor het detecteren van grove lekken in verpakkingen door middel van interne druk (bubbeltest) Volledig
    ASTM F2503-20 2020 Standaardpraktijk voor het merken van medische hulpmiddelen en andere items voor veiligheid in de omgeving van magnetische resonantie Volledig
    ASTM F640-20 2020 Standaard testmethoden voor het bepalen van de radio-opaciteit voor medisch gebruik Volledig
    ASTM D4332-14 2014 Standaardpraktijk voor het conditioneren van containers, verpakkingen of verpakkingsonderdelen voor tests Volledig

    Revisiegeschiedenis

    Revisie Datum CR# Auteur Beschrijving van wijzigingen Gevalideerd
    1 26APR2022 26921 RS Implementatie van SSCP Nee, deze versie is niet gevalideerd door de aangemelde instantie, aangezien dit een implanteerbaar apparaat van klasse IIa of IIb is
    2 17JUN2022 27027 RS Geplande update Nee, deze versie is niet gevalideerd door de aangemelde instantie, aangezien dit een implanteerbaar apparaat van klasse IIa of IIb is
    3 31JAN2023 27707 GM Geplande update; SSCP bijgewerkt in overeenstemming met CER-014_C en QA-CL-200-1 versie 3.00 sjabloon. Acroniemtabel is toegevoegd in sectie 7 van de sectie Patiënten Nee, deze versie is niet gevalideerd door de aangemelde instantie, aangezien dit een implanteerbaar apparaat van klasse IIa of IIb is
    4 28MRT2023 27953 GM SSCP bijgewerkt in overeenstemming met CER-018_D, inclusief de resultaten van PMCF-activiteit PMCF_Infusion_231 en de toevoeging van geplande PMCF-activiteit PMCF_CVC_231; bijgewerkte taal in de patiëntensectie om de leesbaarheid te verbeteren Nee, deze versie is niet gevalideerd door de aangemelde instantie, aangezien dit een implanteerbaar apparaat van klasse IIa of IIb is
    5 28MRT2024 28994 GM SSCP bijgewerkt in overeenstemming met CER-018_E, incusief de toevoeging van geplande PMCF- activiteit Truveta- gegevensonderzoek en retrospectieve analyse en bijgewerkte informatie over toezicht na het op de markt brengen Nee, deze versie is niet gevalideerd door de aangemelde instantie, aangezien dit een implanteerbaar apparaat van klasse IIa of IIb is

    Versie 5.00 van Medical Components, Inc. Sjabloon QA-CL-200-1